Gele luzernevlinder (Colias
hyale)
Uitkijken
naar de eerstvolgende vlindertrip. Wat er dit seizoen allemaal voor mijn ogen
voorbij zal fladderen? Blijft de vlinderstand in Nederland verbeteren ?
Het is moeilijk te voorspellen wat de toekomst op vlindergebied gaat bieden.
Overal en vooral in Nederland moeten we zo langzamerhand eens leren zuinig te
zijn op wat we aan natuur en de bijbehorende vlinders hebben. Vlinders geven
door hun aan- en afwezigheid precies aan hoe het met het welzijn van de natuur
is gesteld.We moeten er niet aan denken, maar wellicht gaat het waarnemen van
een vlinder in de nabije toekomst echt tot een bijzondere gebeurtenis behoren.
Ik mag zo niet denken! Nog steeds valt er volop te genieten in ons land als
het vlinderseizoen in het voorjaar en de zomer is aangebroken. En als ik een
bepaalde vlindersoort zoek dan weet ik hem meestal ook te vinden, desnoods in
een zuidelijk land op een van mijn vakantie-uitstapjes. Of moeten we als vlinderliefhebber
er toch steeds meer moeite voor doen en er verder voor reizen?
Er valt toch genoeg waar te nemen, te ontdekken en te fotograferen wanneer
je zo’n talrijk gebied ontdekt? Zomaar weglopen uit zo’n paradijs met
vliegende juweeltjes is altijd weer moeilijk. Ik kan het daarom, omdat ik bang
ben iets te zullen missen, niet laten om telkens even om te kijken. Altijd denk
ik dan een onbekend blauwtje, dikkopje of meer hoeveelheden vlinders te zien
dan toen ik ter plekke was. Schoot daar net niet die zeldzame grote ijsvogelvlinder
weg tussen de bomen?. Altijd alleen maar als ik omkijk. Zo’n gevoel zoals
Liesbeth Liszt en Ramses Shaffy hebben met hun liedje “het gras zal altijd
groener zijn aan de andere kant van de heuvel”.
Bij het vooruitkijken
overkomt mij dat zelden. Hoewel er niets zo leuk is als vooruitkijken,
denken en plannen van een vlinderexcursie. Het doorkijken van een gids
of boek over
vlinders
maakt mij altijd weer zeer enthousiast om er op uit te trekken met de verwachting
de vlinders ook daadwerkelijk in het aangegeven leefgebied in grote getale
te
zien vliegen. Maar helaas is dat niet altijd het geval. Blij ben ik al
met één
of enkele exemplaren.
Wat “zie” ik dan toch elke keer als ik omkijk door middel
van de gidsen en boeken van meer dan vijftig jaar oud met teksten als:
“…wat
de mus is onder de vogels, is het hooibeestje onder de vlinders…” –
“…
nog nooit zoveel grote vossen gezien als in de kersenboomgaarden
van de Betuwe”…-
“ ...wandelend langs wegbermen en spoordijken
maakt dat honderden bruine zandoogjes en hooibeestjes a.h.w. opwolken”… -
“… boven de hei vlogen duizenden blauwtjes”…
Veenbesblauwtje(Plebeius
optilete)
in Drenthe...hoe lang nog?
Vlinderwaarnemingen
in Nederland die vandaag de dag niet meer voor te stellen zijn.
Af en toe wat meer omkijken leert ons en doet ons beseffen dat we zeer
voorzichtig met onze schaarse natuur om moeten gaan.
En wie weet.....
....
levert het
omkijken het vlinderbeeld op van de toekomst.
warthog
productions 2006-2012